Balans

Balans per 31 december

Terug naar navigatie - Balans - Balans per 31 december

Excel-tabel

2025 Wit regel 2024
ACTIVA
Vaste activa
1 Immateriƫle vaste activa
a. kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio 3.273.824 3.446.130
b. kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief 77.778 8.668
c. bijdrage aan activa eigendom van derden 901.128 952.587
4.252.730 4.407.385
2 Materiƫle vaste activa
a. investeringen met een economisch nut 25.109.385 24.967.144
b. als a, ter bestrijding van kosten kan heffing worden geheven 5.125.323 5.112.345
c. investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut 13.104.215 10.470.250
43.338.922 40.549.739
3 Financiƫle vaste activa
a. kapitaalverstrekking aan:
1. deelnemingen - -
2. gemeenschappelijke regelingen - -
3. overige verbonden partijen 100.000 100.000
b. leningen aan:
1. openbare lichamen - -
2. woningbouwcorporaties - -
3. deelnemingen - -
4. overige verbonden partijen - -
c. overige langlopende geldleningen 2.929.046 2.603.047
d. overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van ƩƩn jaar of langer - -
e. uitzettingen in Rijk's schatkist met een rentetypische looptijd van ƩƩn jaar of langer - -
f. uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd van ƩƩn jaar of langer 27.873 27.873
3.056.920 2.730.920
Totaal vaste activa 50.648.572 47.688.044
Witregel
Vlottende activa
4 Voorraden
a. grond- en hulpstoffen - -
b. onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie 1.906.437 1.432.985
c. gereed product en handelsgoederen - -
d. vooruitbetalingen - -
1.906.437 1.432.985
5 Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
a. vorderingen op openbare lichamen 704.938 822.078
b. verstrekte kasgeldleningen openbare lichamen - -
c. overige verstrekte kasgeldleningen - -
d. uitzettingen in Rijk's schatkist met een rentetypische looptijd korter dan ƩƩn jaar 13.997.942 17.200.294
e. rekening-courant verhouding met het Rijk - -
f. rekening-courant verhoudingen met niet financiƫle instellingen 606.693 931.364
g. uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd korter dan ƩƩn jaar - -
h. overige vorderingen 1.092.953 842.974
i. overige uitzettingen - -
16.402.525 19.796.711
6 Liquide middelen
a. kassaldi 6.271 18.546
b. bank- en girosaldi 462.627 895.518
468.897 914.064
7 Overlopende activa
a. nog te ontvangen bedragen Europese en Nederlandse overheidslichamen
1. Europese overheidslichamen - -
2. Rijk 5.132.552 4.789.610
3. Overige Nederlandse overheidslichamen 816.539 857.153
b. overige nog te ontvangen bedragen 1.349.125 1.190.382
7.298.216 6.837.145
Totaal vlottende activa 26.076.075 28.980.905
Witregel
Totaal activa 76.724.647 76.668.949
Witregel
Verrekenbare verliezen Vennootschapsbelasting 399.533 647.054
Witregel
PASSIVA 2022 2022
Vaste passiva
8 Eigen vermogen
a. Reserves
1. algemene reserve 15.095.323 13.783.480
2. tariefsegalisatiereserves - -
3. overige bestemmingsreserves 4.910.292 2.716.486
b. Rekeningresultaat 3.184.270 4.101.270
23.189.885 20.601.236
9 Voorzieningen
a. Voorzieningen voor verplichtingen en verliezen 3.700.250 3.466.648
b. Voorziening voor risico's - -
c. Egalisatie en onderhoudsvoorzieningen 1.921.440 1.626.845
d. Voorzieningen voor toekomstige vervangingsinvesteringen - -
e. Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden 3.976.448 4.517.002
9.598.138 9.610.495
10 Vaste schulden, met een rentetypische looptijd van ƩƩn jaar of langer
a. obligatieleningen - -
b. onderhandse leningen van:
1. binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen 1.800.000 1.920.000
2. binnenlandse banken en overige financiƫle instellingen 22.630.130 23.869.636
3. binnenlandse bedrijven 57.066 68.571
4. Openbare lichamen - -
5. overige binnenlandse sectoren - -
6. buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren - -
c. door derden belegde gelden - -
d. waarborgsommen - -
e. Vooruitontvangen bedragen met een rentetypische looptijd van 1 jaar of langer - -
24.487.196 25.858.207
Totaal vaste passiva 57.275.219 56.069.938
Witregel
Vlottende passiva
11 Netto vlottende schulden
a. kasgeldleningen aangegaan openbare lichamen - -
b. overige kasgeldleningen - -
c. bank- en girosaldi - -
d. overige schulden 3.017.387 3.091.924
3.017.387 3.091.924
2022 2022
12 Overlopende passiva
a. verplichtingen die in een volgend jaar tot betaling komen 5.686.763 5.676.668
b. vooruit ontvangen bedragen EU, Rijk en Provincie ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren 10.745.278 11.767.375
c. overige vooruit ontvangen bedragen - 63.044
16.432.041 17.507.087
Totaal vlottende passiva 19.449.428 20.599.011
Witregel
Totaal passiva 76.724.647 76.668.949
Witregel
Gegarandeerde geldleningen 35.499.294 35.820.979

Niet in balans opgenomen verplichtingen

Terug naar navigatie - Balans - Niet in balans opgenomen verplichtingen

De volgende categorieën kunnen worden onderscheiden:

  1. Afspraken die zijn gemaakt in het kader van langlopende investeringsprojecten, zoals gebiedsontwikkeling Centrale As, Kansen in Kernen, Rioleringswerken en afspraken in het kader van ANNO (Agenda Netwerk Noord Oost). De jaarlijkse lasten van deze projecten zijn opgenomen in de meerjarenraming;
  2. Meerjarige contracten met derden die vooral liggen op het gebied van de bedrijfsvoering (automatisering, kopieerapparatuur, schoonmaak etc.), onderhoud (voor zover hiervoor nog geen bestemmingsreserves zijn gevormd), afvalverwerking (Omrin) en de dienstverleningsovereenkomst aangegaan met de gemeente Noardeast-Fryslân . De kosten zijn opgenomen in de meerjarenraming.
  3. Verplichtingen ten opzichte van onze gemeenschappelijke regelingen en de Veiligheidsregio. De hieraan gerelateerde lasten zijn gedekt in de meerjarenraming.
  4. Garantieverplichtingen aan onder andere woningbouwcorporaties waarvoor geen dekking is opgenomen in de begroting en waarvan het risico wordt opgevangen via het weerstandsvermogen.

Een uitputtende kwantificering van deze posten is niet voorhanden.

Schatkistbankieren

Terug naar navigatie - Balans - Schatkistbankieren

De wet verplicht schatkistbankieren is op 15 december 2013 van kracht geworden. Onder verwijzing naar de toelichting die hierover is opgenomen in de paragraaf Financiering geeft de hiernavolgende tabel een toelichting op de calculatie van het drempelbedrag schatkistbankieren. Daarnaast wordt ook de  gemiddelde benutting van het drempelbedrag per kwartaal weergegeven.

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000)
  Verslagjaar
(1) Drempelbedrag 1.452      
  Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(2) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 1.321 4.118 620 349
(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 130 - 831 1.102
(3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag - 2.667 - -
(1) Berekening drempelbedrag
  Verslagjaar
(4a)  Begrotingstotaal verslagjaar 72.578      
(4b) Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen 72.578      
(4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat -      
(1) = (4b)x2% + (4c)x0,2%* Drempelbedrag 1.452      
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
  Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(5a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 118.928 374.746 57.048 32.154
(5b) Dagen in het kwartaal 90 91 92 92
(2) - (5a) / (5b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 1.321 4.118 620 349

*Met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.